Friese burgers betalen voor commerciële avonturen Omrin

Afvalverwerker Omrin erkent staatssteun te ontvangen voor de verwerking van afval in de Harlinger oven. In een artikel in de Leeuwarder Courant (d.d. 24 april j.l.) geeft Omrin toe dat de inwoners van Friesland feitelijk betalen voor de extra kosten die Omrin moet maken voor de afvaloven, als gevolg van het verbranden van bouw- en sloopafval.

De concurrentie bij afvalverbranding is in Nederland groot. Dat komt onder andere doordat er in Nederland een overcapaciteit is aan verbrandingsovens. Ook de afvaloven van Omrin levert in Friesland overcapaciteit. Omrin stelt weliswaar dat de oven is gebouwd voor de verwerking van afval van Friese burgers, maar dat klopt niet. De capaciteit van de Harlinger oven is 220.000 ton. Volgens informatie van Omrin leveren de Friese huishoudens (en kleinere bedrijven waar Omrin zelf inzamelt) ongeveer 85.000 ton brandbaar afval. De rest van de beschikbare capaciteit in de afvaloven moet dus worden gevuld met ander brandbaar afval. Omrin heeft daarvoor 30.000 ton gecontracteerd van gemeenten op de Veluwe. De oven moet dus nog gevuld worden met 105.000 ton ander afval.

Blijkbaar heeft Omrin daarvoor een grote hoeveelheid bouwafval gecontracteerd. In het artikel in de Leeuwarder Courant geeft de directeur van de afvaloven, de heer Bosch toe dat er veel meer bouw- en sloopafval in de oven wordt verbrand, dan waarmee bij het ontwerp van de oven rekening is gehouden. Daardoor heeft de afvaloven veel meer onderhoud nodig en moeten er meer reststoffen worden afgevoerd. De kosten daarvoor (aldus Bosch in het betreffende artikel) worden afgewenteld op de Friese burgers. Het gaat daarbij om een bedrag van meer dan een half miljoen euro per jaar.

Omdat deze financiering feitelijk door de Friese gemeenten wordt gedaan, is er hier sprake van ongeoorloofde staatssteun. Omrin kan immers, dankzij die bijdragen van gemeenten, gunstiger verbrandingstarieven hanteren dan zijn commerciële concurrenten.

Dit bericht is geplaatst in Uncategorized. Bookmark de permalink.